Op zoek naar het wonder dat allang in de pocket was
Lang geleden, in een land hier ver vandaan, woonde er een jongen genaamd Lucas samen met zijn moeder in een klein dorpje dat gelegen was aan de voet van een berg. Zijn vader was verdrietig genoeg enkele jaren daarvoor overleden. Er waren destijds rovers uit een naburig land het dorp binnengedrongen om de bezittingen van de dorpelingen te plunderen. Lucas’ vader was de edelsmid van het dorp en zodoende kwamen de rovers al snel bij het huis van Lucas terecht, waar ze alles meegriste wat maar enigszins blinkte. Lucas was in het huis en kroop in paniek onder het bed van zijn ouders. Maar niet voordat hij het kistje met zilveren en gouden munten, dat altijd naast het bed stond, onder zijn armen had meegenomen. In een dappere poging iets van hun bezit te beschermen.
Zijn ouders hadden een wandeling gemaakt in het bos en kregen bij terugkeer al snel door wat er in het dorp aan de hand was. Daken stonden in brand en overal zagen ze schreeuwende en vluchtende mensen. Lucas’ vader stuurde zijn moeder terug naar het bos en rende naar huis, waar hij in een poging zijn haard en huis te verdedigen, het leven liet. Toen moesten Lucas en zijn moeder alleen verder. Gelukkig had Lucas al de leeftijd dat hij van zijn vader de beginselen van het edelsmeden geleerd had. Daarnaast hadden zij ook veel steun aan hun dorpsgenoten, die uiteraard allemaal verliezen geleden hadden, zowel materiële als immateriële. Het leven was een stuk zwaarder en Lucas was in één keer een jongeman geworden, het kind zijn had hij grotendeels achter zich moeten laten. Zijn moeder had veel verdriet sinds het heengaan van haar geliefde man. Dit drukte niet alleen op haar gemoed, ook haar lijf en leden raakten verzwakt. Regelmatig bleef zij een dag in bed, omdat ze zich te zwak voelde om op te staan en haar werk te doen. Langzaam maar zeker gebeurde dit steeds vaker. Lucas ging dan altijd naar de wijze oude vrouw van het dorp, die hem steevast een kruidenmengsel meegaf en instructies hoe het toe te dienen. Maar des te verder de tijd vorderde, des te minder leken deze kruiden aan te slaan bij zijn moeder.
Op een dag, toen moeder wel een week lang op bed was gebleven eer zij de kracht had gevonden om weer op te staan, ging Lucas naar de wijze oude vrouw om hulp te vragen. Lang was het stil en toen zei de vrouw: “Ik heb wel eens gehoord dat er in het Middenland in het Verre Oosten pure elementen te verkrijgen zijn, die krachtiger werken dan welke plant dan ook om lichaam en psyche te genezen. Deze elementen zijn ook vertegenwoordigd in de planten die wij eten en het water dat we drinken. Maar als puur element kunnen ze wellicht het wonder veroorzaken dat nodig is.” En zo ging Lucas op pad. Op weg naar het Middenland. Zijn moeder werd verzorgd door de wijze oude vrouw en de andere dorpelingen. Om zijn verre reis te vervolmaken en om de gewilde elementen te bemachtigen, had Lucas een aantal van de zilveren en gouden munten meegenomen. Tijdens zijn reis, die hij deels te paard ondernam, deels te voet en ook per boot, kwam hij veel mensen tegen, aan wie hij steevast vroeg: ”Kunt u mij de weg wijzen naar het Middenland?” en “Heeft u gehoord van pure elementen die voor genezing van lichaam en geest zorgen?” Op zijn eerste vraag hadden de meeste mensen wel een antwoord, maar op zijn tweede vraag keken ze hem meewarig aan, ze wisten klaarblijkelijk niet wat hij met die vraag bedoelde. Echter nooit uit het lood geslagen en met zijn innerlijke blik op het wonder gevestigd, ging hij voort, tot hij uiteindelijk na een lange bergtocht in een bergdorp aankwam waar ze hem vertelden dat hij in het Middenland was; tegenwoordig wordt dit uitgestrekte land China genoemd. Lucas vroeg of het mogelijk was om naar de oudste van het dorp gebracht te worden. Hij was in de veronderstelling dat hij de elementen daar vast en zeker zou kunnen vinden. Hij werd naar het huisje van een oude vrouw gebracht, die hem tandeloos toelachte. Op zijn vraag hoeveel jaren zij al leefde, antwoordde de vrouw: “Ik ben ouder dan de grote bomen die het dorp van schaduw voorzien.” “En”, ging Lucas verder, “weet u van pure elementen die in staat zijn om het lichaam en de geest van mijn moeder te genezen, waar elk ander middel gefaald heeft? Ik ben bereid u te betalen met zilveren en gouden munten.” De oude vrouw begon te lachen, eerst glimlachte ze en daarna lachte ze haar tandeloze mond volledig bloot, het volume van haar lach werd steeds harder en haar lachsalvo galmde door het bergdal, er voor zorgend dat het hele dorp mee begon te lachen. “M’n lieve kind”, straalde ze, toen haar geschater enigszins gekalmeerd was. Jij hebt een lange, barre tocht achter de rug om van mij te horen dat de zilveren en gouden munten die je al die tijd in je zak hebt meegedragen de pure elementen zijn die tot genezing van lichaam en geest leiden? Zilver voor lichamelijke kwalen en goud voor je moeders gebroken hart. Geef haar iedere dag water waarin je twee uur lang een zilveren en een gouden munt hebt gekookt en gebruik regelmatig nieuwe munten. Je krijgt van ons een grote zak munten mee. Want je hebt ons het grootste cadeau gebracht. Door ons zo te laten lachen worden onze levensdagen aanzienlijk verlengd. Want een dag niet gelachen is een dag niet geleefd. En dit moment, dat een eeuwigheid leek te duren, heeft vele dagen aan ons leven toegevoegd.” En ze vervolgde: “Dus vergeet niet te lachen. Lach om jezelf om je kind weer te ontwaken. En lach met je moeder. Want lachen is een groots geneesmiddel, niet te vangen in een potje of een glaasje. Het verlicht de zwaarte en verlengt je levensdagen… Rust nu, mijn kind, opdat je de terugtocht straks kunt aanvaarden.”

En zo gebeurde het. Lucas ging terug naar zijn thuisland met een grote zak munten van zilver en goud. Hij lachte wat af met de mensen en de dieren die hij onderweg tegenkwam en met een opgeruimd en verlicht gemoed kwam hij thuis aan. Hij gaf zijn moeder, die inmiddels volledig bedlegerig was geworden, iedere dag het zilver- en goudwater. En hij vertelde haar iedere dag een grappig verhaal, waar hij haar steeds makkelijker mee aan het lachen kreeg. Na twee weken kwam zijn moeder uit bed. En dat is zo gebleven. Zij leefde nog tot op hoge leeftijd en genoot met volle teugen van haar klein- en achterkleinkinderen die, net als zij, allemaal regelmatig het zilver- en goudwater kregen.
MEER VERHALEN LEZEN?
Meld je dan aan voor de nieuwsbrief en blijf op de hoogte!